hondmatch.nl

Je hebt gekozen welk ras je graag wilt. Hier gaat het verder.

Van fokker kiezen tot de eerste maanden thuis.

Je hebt je ras gekozen en je wilt een puppy. Hier zijn de stappen, in volgorde: van een goede fokker vinden tot de eerste weken thuis.

1

Fokker of adoptie?

Beide opties hebben voor- en nadelen. Er is geen juiste keuze β€” alleen een bewuste.

Fokker

Voordelen: je weet de afkomst, ouders zijn gezond getest, je kunt de omgeving zien, de pup is gesocialiseerd vanaf dag één.

Nadelen: kost meer (€800–€3.000+), wachttijd, niet alle fokkers zijn betrouwbaar.

Hoe vind je een goede fokker? β†’

Adoptie

Voordelen: je geeft een hond een tweede kans, lagere kosten, veel asielmedewerkers kennen het karakter van de hond al.

Nadelen: je kent de achtergrond soms niet, pups zijn zeldzaam, bepaalde rassen vrijwel niet beschikbaar.

Adoptie & asiel β†’

2

Hoe vind je een betrouwbare fokker?

Slechte fokkers zijn helaas de norm, niet de uitzondering. Hier is waarop je let.

  • βœ“De fokker laat je de omgeving zien β€” Γ©n de moederhond
  • βœ“Pups blijven minstens 8 weken bij de moeder (bij voorkeur 10–12)
  • βœ“Gezondheidsonderzoeken van beide ouders zijn gedocumenteerd (heupen, ogen, hartonderzoek β€” afhankelijk van het ras)
  • βœ“Je kunt meerdere referenties opvragen van eerdere baasjes
  • βœ“De fokker stelt ook vragen aan jou β€” een goede fokker kiest zijn kopers
  • βœ“Er is een contract met terugkoopclausule: als het onverhoopt niet werkt, neemt de fokker de hond terug
  • βœ“Raadpleeg de rashondenvereniging voor erkende fokkers

πŸ’‘ Rode vlag: fokkers die meerdere rassen gelijktijdig fokken, de moeder niet tonen, of direct willen leveren zonder gesprek.

3

Voorbereiding thuis: wat heb je nodig voor dag 1

Koop dit voor de komst van de pup β€” niet erna.

  • βœ“Bench of hondenmand op een rustige plek β€” dit wordt de veilige plek van de hond
  • βœ“Voer- en waterbak β€” kies roestvrij staal, dat gaat een leven lang mee
  • βœ“Puppyvoer van goede kwaliteit β€” vraag de fokker welk merk de pup gewend is, wissel geleidelijk over
  • βœ“Halsband + identificatieplaat met jouw telefoonnummer
  • βœ“Riem β€” geen intrekbare riem, leer je pup netjes aan de lijn lopen
  • βœ“Kauwspeelgoed β€” pups kauwen op alles, geef ze iets dat mag
  • βœ“Dierenarts gevonden en eerste afspraak gepland
  • βœ“Gevaarlijke zaken opgeruimd: snoeren, planten, schoonmaakmiddelen
4

De eerste week: wat te verwachten

De eerste week is voor de pup overweldigend. Alles is nieuw: de geuren, de geluiden, de mensen. Verwacht niet meteen een ontspannen hond.

Verwacht dat je pup 's nachts huilt. Dat hoort erbij. De pup mist zijn nestgenoten en de moeder. Een klok naast de bench (die het hart van de moeder imiteert) of een gebruikt kledingstuk van de fokker kan helpen.

Introduceer één ding tegelijk. Geen drukke bezoekjes of lange uitstapjes in de eerste dagen. Laat de pup zijn nieuwe thuis ontdekken in zijn eigen tempo.

5

Zindelijkheidstraining: hoe doe je het goed?

De eerste weken bepalen voor een groot deel hoe snel je pup zindelijk wordt. De gouden regel: buiten op het moment dat de pup het nodig heeft, niet op het moment dat het jou uitkomt.

Wanneer gaat een pup plassen? Direct na het wakker worden, na elk eetmoment (binnen vijf tot tien minuten), na spelen of opwinding, en na een dutje. Elke twee uur naar buiten is een goed uitgangspunt β€” maar hou het gedrag in de gaten. Als je pup begint te snuffelen en rondjes te draaien, ga dan meteen naar buiten.

Belonen werkt. Rustig "goed zo" of een klein hapje direct nadat de pup buiten heeft geplast of gepoept. Wacht niet tot je weer binnen bent β€” dan is de link al weg.

Ongelukken horen erbij. Ruim het op zonder commentaar en ga door. Straf werkt averechts: een pup begrijpt "nee" niet in dit verband β€” hij leert er alleen van dat plassen gevaarlijk is als jij erbij bent, en doet het dan verstopt.

Consistentie helpt. Dezelfde plek buiten, dezelfde route, hetzelfde moment na eten. Hoe voorspelbaarder de routine, hoe sneller de pup begrijpt wat er van hem verwacht wordt.

De meeste pups zijn rond vier tot vijf maanden overdag zindelijk. Nachts duurt het wat langer β€” een jonge blaas kan de nacht nog niet vol houden. Bouw dit rustig op: plan de eerste weken een vaste nachtuitlaatbeurt rond 23:00, dan gaat het snel beter.

Met consequent buiten gaan en belonen op het juiste moment leren de meeste pups dit in een paar weken. Geduld en routine zijn bepalender dan het ras.

6

Vaccinaties, chippen en verzekering

Dit is geen optie β€” dit zijn verplichtingen.

  • βœ“Chippen is wettelijk verplicht in Nederland β€” laat dit direct doen als de fokker het nog niet heeft gedaan
  • βœ“Registreer de chip bij I&R (identificatie & registratie) β€” dit is jouw verantwoordelijkheid als nieuwe eigenaar
  • βœ“Basis vaccinaties (DHP + L) zijn meestal door de fokker gestart β€” vraag het vaccinatieboekje
  • βœ“RabiΓ«svaccinatie is verplicht als je internationaal reist
  • βœ“Sluit een verzekering af vΓ³Γ³r je voor het eerst naar de dierenarts gaat β€” sommige aandoeningen vallen anders onder uitsluitingen
  • βœ“Vergelijk polissen op basis van dekking, eigen risico en maximale vergoeding per aandoening

Als chippen, vaccinaties en verzekering geregeld zijn, is de administratie klaar. Nu begint het echte werk: training.

7

Training: wanneer beginnen, wat werkt

Vanaf dag één. Pups leren sneller dan je denkt.

Puppies leren vanaf dag één. Alles wat je toelaat, leert de hond dat het oké is. Beloningstraining werkt het best bij pups: positieve bekrachtiging, geen straf, korte sessies van twee tot vijf minuten, meerdere keren per dag.

Basiscommando's om direct mee te beginnen: zit, hier, mand β€” en op zijn naam leren reageren. Later: af, blijf, los. Hondenschool is geen luxe β€” het maakt het verschil tussen een hond die luistert en een die dat niet doet.

Socialisatie is net zo belangrijk als training: laat de pup in de gevoelige periode (tot 14 weken) zoveel mogelijk positieve ervaringen opdoen. Andere honden, kinderen, fietsen, drukte β€” hoe meer je pup meemaakt in een veilige sfeer, hoe beter.

8

Voeding: waar let je op bij een pup?

Wat een pup eet in zijn eerste jaar legt mede de basis voor zijn gezondheid als volwassen hond. Voeding is geen bijzaak.

Puppyvoer, geen hondenvoer. Pups hebben andere voedingsstoffen nodig dan volwassen honden β€” meer eiwit, andere mineralenbalans, meer calorieΓ«n per kilo lichaamsgewicht. Gebruik altijd voer dat specifiek voor pups is samengesteld, bij voorkeur afgestemd op de rasgrootte (kleine rassen, middelgrote rassen, grote rassen hebben elk hun eigen formule).

Overstappen doe je geleidelijk. Vraag de fokker welk merk en type voer de pup gewend is. Wissel niet van de ene op de andere dag over op een nieuw merk β€” dat geeft buikpijn en diarree. Schakels over in 7 tot 10 dagen: begin met 75% oud / 25% nieuw, en verhoog het aandeel nieuw voer stap voor stap.

Hoeveel en hoe vaak? Pups tot vier maanden eten drie tot vier keer per dag. Daarna twee keer per dag. Volg de richtlijnen op de verpakking op basis van het verwachte volwassen gewicht β€” niet het huidige gewicht. Een pup die te veel eet in zijn groeifase kan gewrichtsproblemen ontwikkelen, zeker bij grote rassen.

Water altijd beschikbaar. Zet de waterbak op een vaste plek en vul hem elke dag vers bij. Een pup die te weinig drinkt, kan al snel uitgedroogd raken β€” zeker bij warm weer of na het spelen.

Wat je niet geeft. Geen chocolade, druiven, rozijnen, uien, knoflook, macadamia-noten of xylitol (kunstmatige zoetstof in kauwgom en sommige pindakazen). Dit zijn giftige stoffen voor honden, ook in kleine hoeveelheden. Geef geen botten die kunnen splinteren (zoals kipbotjes). Rauw vlees is geen standaardadvies voor pups β€” overleg met je dierenarts.

Wanneer overstappen op volwassen voer? Dat hangt af van de rasgrootte: kleine rassen rond 10–12 maanden, grote en reuzenrassen pas na 18–24 maanden. Vraag het aan je dierenarts bij de eerste controle.

Nog twijfel over het ras?

Als je hier terechtgekomen bent zonder de matcher te doen: het is niet te laat. Een goede match maakt alles makkelijker.